Louis Smit

Paus

De media staan bol van het overlijden van de Argentijnse paus Franciscus en de aanstaande pausverkiezingen. Franciscus was een staatshoofd maar de invloed van die functie is toch wel wat anders dan die van de presidenten van de VS, Rusland en China, dus je kunt je afvragen of de media-aandacht niet wat overdreven is.


Duiders noemen hem een hervormer. Dat begon al in 2013 toen hij als kersverse paus het balkon betrad. Hij opende zijn mond en zeide: “Fratelli e sorelle, buona sera.” “Hij zei goedenavond!” jubelden de Vatican watchers, alsof hij groot nieuws had gebracht, zoals dat vrouwen voortaan het priesterambt mogen uitoefenen. Quod non.


Abortus
Waar komt het imago van Franciscus als hervormer toch vandaan? Keurt de Kerk van Rome nu abortus provocatus goed? Heeft de paus vrede in het Midden-Oosten bewerkstelligd? Heeft hij kerkelijke landgoederen verkocht en de opbrengst ter beschikking gesteld aan de armen? Het antwoord is nee.


Wojtyla
‘Mijn’ paus was Johannes Paulus II, de Pool Karol Wojtyla. Niet alleen omdat hij aantrad toen ik kerknieuwsverslaggever was bij het Algemeen Nederlands Persbureau, maar vooral ook omdat hij echt invloed heeft gehad. Hij steunde de Poolse vakbeweging Solidariteit en droeg bij aan de ingrijpende omwentelingen in het toenmalige socialistische blok.


Mea culpa
Ik volgde hem in 1979 tijdens zijn staatsbezoek aan zijn vaderland. De massa’s onthaalden hem terwijl ordebewakers in priesterkledij de toegestroomde gelovigen in de gaten hielden. Indrukwekkend was hoe hij de mis celebreerde in het voormalige concentratiekamp Auschwitz: ‘Moja wina, moja wina, moja bardzo wielka wina’ (Mea culpa, mea culpa, mea maxima culpa).


Osservatore romano
Het meeste nieuws van de Dienst Geestelijk Leven van het ANP kwam uit de Rooms-Katholieke Kerk: wat heeft welke bisschop nu weer gezegd over homofilie? Hoe moeten wij de berichtgeving van de Vaticaanse spreekbuis Osservatore romano over oecumene opvatten? Gaat de paus bij zijn bezoek aan Latijns-Amerika de armen een hart onder de riem steken?


Geheimzinnig
Bij de bijzondere algemene bisschoppensynode in 1980 in Rome interviewde ik onder anderen vertegenwoordigers van de kritische Acht Meibeweging. Maar vooral wachtte ik net als andere journalisten, gezeten op terrassen rond het Vaticaan, op de doorgaans geheimzinnige perscommuniqués die aan het eind van de dag werden uitgedeeld. Zo’n communiqué onderstreepte bijvoorbeeld dat de bisschoppensynode ‘voor het leven’ was. Conclusie: ze zijn dus nog steeds tegen abortus.


Instituut
In de katholieke kerkzaaltjes in Nederland ging het er stevig aan toe. Bakken kritiek op de kerk werden geuit door pastoraal werkers en even kritische gewone gelovigen. Mijn verwondering: het gaat toch niet om het instituut maar om het geloof in de christelijke God? Dan kun je toch ook bijvoorbeeld baptist of remonstrant worden? Zo blijkt dat echter niet te werken.


Conclaaf
Nu zijn dus de pausverkiezingen in aantocht. De film ‘Conclave’, met Ralph Fiennes als camerlengo, kon niet op een beter tijdstip verschijnen. Die gaat over de keuze van een paus door de kardinalen en over de vorming van coalities, over machinaties en over de politieke spelletjes die voorafgaan aan de witte rook. Zal de nieuwe paus nu eens een keer niet blank zijn maar zwart of geel?  Zal hij de hervormingen doorvoeren waarop kritische katholieken hopen? ‘Conclave’ is verplichte kost voor wie de pausverkiezingen wil leren begrijpen.  

Paus Meer lezen »

De kern in drie alinea’s

Grote bewondering heb ik voor de redacteuren van Teletekst, het nieuwsmedium dat vandaag precies 45 jaar bestaat. Telkens in drie alinea’s brengen zij het belangrijkste nieuws. Ik raadpleeg de Teletekst-app toch wel een keer of drie per dag.


In de journalistiek loop je het risico spot te oogsten als je een lang artikel schrijft: “zo joh, weer eens lui geweest?” En daar zit iets in. Met alle respect voor dikke-boekenschrijvers als A.F.Th. van der Heijden, Konsalik en Fjodor Dostojevski: het is soms makkelijker om op papier leeg te lopen en om zoveel mogelijk alinea’s aan elkaar te breien met de grote hoeveelheid informatie die je hebt.


De kunst van het weglaten. Kill your darlings. Schrijven is schrappen. Het zijn allemaal kreten die erop neerkomen dat je boven de materie moet uitstijgen en de essentie eruit moet halen. Dat kunnen de redacteuren van Teletekst dus als geen ander. Het is daarbij passen en meten. Het zijn dan ook tovenaars in maatvoering.


Van tv naar smartphone
Op 1 april 1980 waren er nog  maar zo’n tweeduizend mensen die Teletekst op hun televisie konden oproepen. In 2010 maakten 11 miljoen Nederlanders geregeld gebruik van het medium. Daarna nam het gebruik op televisie af, maar steeg het aantal mensen met de Teletekst-app op hun smartphone. In 2024 werd de app dagelijks door gemiddeld bijna zevenhonderdduizend mensen geraadpleegd.           

De kern in drie alinea’s Meer lezen »

Mien uit Urk

Ik heb een directeur Communicatie gekend die bij zijn afscheid een ingelijst portret kreeg van een vrouw in Urker klederdracht. Een eigenaardig cadeau zou je zeggen, maar niet als je weet dat voor hem in zijn werk bij een overheidsorganisatie ‘Mien uit Urk’ de verpersoonlijking was van de groep waarop hij zich richtte, de gewone burgers.


“Die campagne is veel te ingewikkeld en die tekst is waardeloos. Dat snapt Mien uit Urk niet”, dat waren woorden die hem in de mond bestorven lagen. Ze klinken stigmatiserend, maar ik vind van niet. Wie met communicatie bezig is en daarin effectief probeert te zijn, moet ijkpunten hebben.


Redenaars verdiepen zich in hun publiek, schrijvers denken na over hoe ze lezers het beste bereiken. Zo zijn er schrijvers die zeggen dat ze hun moeder met alleen lagere school voor ogen houden. En politici spreken over Jan Modaal, de Hardwerkende Nederlander en Henk en Ingrid.


Persona
Het is lastig één typische representant van een grote groep, één ‘persona’, te bepalen. Je zult moeten differentiëren, maar met het inschatten van iemands leefwereld en vaardigheden bij het ontwerpen van een communicatie-actie, daar is niets mis mee. Inmiddels zijn er natuurlijk al wel fijnmazigere methodes om de doelgroep of de doelgroepen te bepalen waarop je je boodschappen wilt afvuren. 


Jung
Het Latijnse woordenboek omschrijft persona als het masker van een toneelspeler, maar ook als de rol van een acteur en als persoonlijkheid. Het is ook een van de archetypen van de Zwitserse psychiater Carl Gustav Jung. In de marketing en de communicatie is een persona dus het profiel van vergelijkbare mensen, met hun behoeften, zwaktes, wensen en eisen. De bedoeling is dat je ze op een persoonlijk niveau kunt bereiken met berichten, aanbiedingen en producten.


Maar dat is allemaal veel te ingewikkeld. “Kun je dat niet eenvoudiger zeggen, zodat Mien uit Urk het ook snapt?”, hoor ik de eerder genoemde directeur Communicatie al zeggen. 


Broekenknipster
Op deze foto uit 1940 van het Nationaal Archief staat trouwens niet Mien uit Urk maar een andere inwoonster van die protestants-christelijke vissersgemeente. Het is Hendrikje de broekenknipster. Ze vervaardigde mannenkostuums.

Mien uit Urk Meer lezen »

Ik heet ook Louis

Ik heb een selectief gehoor als het over voetbal gaat. De namen van een paar voetbalcoryfeeën zijn mij natuurlijk niet onbekend, maar plagerig gedweep met voetbalclubs tot in de boardroom en woorden als Champions League en eredivisie zorgen ervoor dat ik uitschakel. Kennelijk boeit voetbal mij gewoon niet.


Had ik een beetje beter opgelet, dan had dat wel een grote blunder kunnen voorkomen. Want hoe pijnlijk was mijn ontmoeting met een wereldberoemde Nederlandse voetbaltrainer!


Moskou
Ik was op weg voor een adviesklus en vloog daarvoor via Moskou. Bij de vertrekbalie op Schiphol stond voor mij een man met een gezicht dat mij bekend voorkwam. Ik groef in mijn geheugen. Natuurlijk, dat is die bekende voetbaltrainer die dezelfde voornaam heeft als ik!


Stilzwijgen
In het vliegtuig bleken wij naast elkaar te zitten. Waarschijnlijk omdat hij al genoeg lastig wordt gevallen, was hij wat schuchter en afstandelijk, dus ik deed de eerste stap. “Ik heet ook Louis, grappig hè”, zei ik. Hij mompelde iets onverstaanbaars terug. De reis verliep in stilzwijgen, een deel ervan lag de trainer ook te slapen.


Paspoort
Op drie kwart van de vlucht naar Moskou moesten we een formulier invullen en daarvoor had je je paspoort nodig. Ik pakte het mijne en hij het zijne, en hij legde dat open op het tafeltje tussen ons. Ik schrok me te pletter en het schaamrood trok naar mijn kaken, want ik las: HIDDINK, GUUS.


Trainer
Het was dus niet Louis van Gaal die naast mij zat. Het was de trainer van het Russische nationale voetbalteam (2006-2010) bij wie ik het ijs had willen breken door te zinspelen op een gemeenschappelijke voornaam.


Handtekening
We hadden uiteindelijk een gemoedelijk gesprek over Rusland en over hoe het was om daar te werken. Hij was ook nog zo aardig om op een envelop een handtekening met opdracht te zetten voor de zoon van de ignorante schrijver van deze anekdote.


(Foto: Pixabay)

Ik heet ook Louis Meer lezen »

De samowar

Vele jaren geleden vlak voor Kerstmis liepen collega Fred Gijbels en ik met een samowar door de besneeuwde en ijskoude Litouwse hoofdstad Vilnius. Uit balorigheid had Fred die waterkoker-met-kraantje voor 110 dollar van een straatverkoper gekocht.


“Daar sta ik met een gigantische ketel ter grootte van een driejarige peuter middenin het centrum van Vilnius”, schreef Fred op zijn website. “We nemen hem als een kind tussen ons in en gaan verder op stap, de kroeg in, niet gehinderd door de ketel. Terug in het hotel wordt me duidelijk gemaakt dat je voor de uitvoer een exportvergunning nodig hebt.”


Raad van Europa
Dat was nog wel een dingetje maar we waren in Vilnius om de Litouwse regering te adviseren over de inrichting van de overheidsvoorlichting, in opdracht van de Raad van Europa. Door het contact met ambtenaren kwamen we er gauw achter hoe je die exportvergunning te pakken kon krijgen. Het was een heel gedoe, maar het lukte.


Medepassagier
Op zondagmorgen om zes uur op het vliegveld werd de ketel door de douane geaccepteerd voor uitvoer. Het cabinepersoneel had er geen probleem mee dat de ketel als medepassagier op een stoel meeging, zonder bijbetaling. De Nederlandse douane maakt geen bezwaar tegen de invoer.


Kwibus
De herinnering aan de samowar van Fred Gijbels kwam boven toen ik deze maand hoorde dat Fred, die in Krakau woonde, was overleden. Hij was over de tachtig. Zijn zoon Daan schreef op Facebook: “Ouwe, je was een rare kwibus maar je hield zo veel van mij en ik van jou. Ik ga je onvoorwaardelijke liefde zo ontzettend missen.”


Rare kwibus, zou ik niet zo gauw zeggen, maar het was wel een heel bijzondere man. Hij noemde zich een reiziger in het sociale landschap. Met zijn verhalen dwong hij respect af. Ik snapte ze soms niet helemaal, maar zijn adviezen gingen erin als Gods Woord in een ouderling en deden hun werk bij politici en ambtenaren in Litouwen. Door zijn bravoure -en door mijn Russisch- zaten wij binnen de kortste keren bij de premier aan tafel.


Henk
We spraken dus al gauw met de baas van het land en dat past dan weer bij het motto dat je als adviseur bij voorkeur met de orgeldraaier moet praten en niet met de aap. Dat is een uitspraak van een andere voortreffelijke en ontzettend aardige communicatiecollega: Henk Lichtenveldt. Ook hij overleed dit jaar.


Hij was mijn hoofdredacteur toen ik op de buitenlandredactie van het ANP werkte als verslaggever en eindredacteur. Later was ik adjunct-directeur bij het PR-bureau dat hij opgericht had met Ed van Dantzig. Door het verlies van deze collega’s was 2024 een droevig jaar, maar de goede herinneringen blijven.

De samowar Meer lezen »